Inkijkexemplaar

Banner

Wandelen in de zon? Doe het veilig!

De zomer komt eraan en dan hebben we natuurlijk het liefst dat de zon rijkelijk schijnt. De warmte van de zon op je huid kan bijzonder aangenaam zijn, maar je huid kan het ook erg zwaar te verduren krijgen. Zorg daarom steeds voor aangepaste bescherming als je een zomerse wandeling plant, het kan je veel ellende besparen.

Wil je na je wandeling niet met roodverbrande kuiten en verschroeide schouders thuiskomen? Dan kan je je maar beter goed beschermen tegen het zonlicht. Niet alleen op korte termijn kan de zon schadelijk zijn, ook op lange termijn zijn de gevolgen niet te onderschatten.

UV-stralen

De zon produceert zowel zichtbare als onzichtbare stralen. Ongeveer de helft bestaat uit zichtbaar licht, terwijl het onzichtbaar licht bestaat uit infraroodstralen die warmte afgeven en ultraviolette (UV) stralen. Het zijn vooral deze onzichtbare UV-stralen die een belangrijk effect hebben, niet alleen op onze gezondheid, maar ook op de voedselketen en het ecosysteem.
UV-stralen worden ingedeeld in 3 soorten en dit volgens hun golflengte: UVA-, UVB- en UVC-stralen.
UVA-stralen: ± 90% bereiken de aarde. Deze stralen dringen het diepst in de huid en versnellen vooral de veroudering ervan. Het zijn de minst schadelijke stralen, maar in hoge dosissen veroorzaken ze ook zonnebrand en huidkanker.
UVB-stralen: ± 10% bereiken de aarde. Deze stralen dringen minder diep in de huid, maar ze zijn wel energierijker en kunnen daardoor meer schade aanrichten. Deze stralen liggen vooral aan de basis van zonnebrand en huidkanker.
UVC-stralen: Deze stralen worden volledig geabsorbeerd door de ozonlaag en bereiken het aardoppervlak niet.

Voor- en nadelen

Zowel UVA- als UVB-stralen kunnen huidkanker in de hand werken en kunnen schadelijke gevolgen hebben voor onze gezondheid. Toch heeft ons lichaam ook UV-licht nodig. Een matige blootstelling aan de zon is goed voor onze gezondheid en bevordert de aanmaak van vitamine D. Deze vitamine staat onder meer in voor een goede bot- en spierontwikkeling, werkt ontstekingsremmend en bezorgt ons ook een goed humeur.
Maar een te grote blootstelling aan UV-stralen kan je maar beter vermijden. Onder meer zonnebrand, huidveroudering, oogproblemen (staar) en huidkanker worden erdoor in de hand gewerkt.

DNA-schade

Door het absorberen van UV-stralen kan de structuur van ons DNA veranderen en treedt er DNA-schade op. Kleine wijzigingen kunnen opgevangen worden dankzij enkele speciale eiwitten. Dit systeem zet onder meer ook de aanmaak van melanine in gang, het pigment dat verantwoordelijk is voor het bruinen van de huid. Bruinen is dus in principe een reactie op DNA-schade. Naast bruinen zorgt ook huidverdikking voor extra bescherming tegen UV-stralen. De huid zal minder snel verbranden, maar de gevaren op lange termijn blijven.
Als de eiwitten de DNA-schade niet meer kunnen bolwerken, dan sterft de huidcel af. Op lange termijn kan de DNA-structuur permanent gewijzigd worden, huidcellen beginnen zich te delen en er kan huidkanker ontstaan. Huidkanker komt voor in verschillende vormen, maar melanomen vormen de meest agressieve vorm. Deze kwaadaardige gezwellen ontstaan door zwaar beschadigde pigmentcellen en zaaien snel en gemakkelijk uit.
Onregelmatige blootstelling aan UV-stralen (vb. telkens tijdens vakanties) en zonnebrand in de jeugd zijn risicofactoren. De opgelopen schade komt vaak pas na tientallen jaren tot uiting. Je preventief beschermen tegen de zon is dus uitermate belangrijk.

Intensiteit

De hoeveelheid UV-licht en de kracht waarmee deze op de huid terechtkomt, is gelukkig niet altijd even groot. Verschillende factoren bepalen mee de intensiteit.
Het seizoen: In de zomer is de hoeveelheid zonlicht veel groter dan tijdens de winter.
Tijdstip van de dag: In het midden van de dag staat de zon het hoogst, de afstand doorheen de dampkring is dan het kortst, waardoor er minder filtering kan plaatsvinden.
Breedtegraad: Hoe dichter bij de evenaar, hoe meer UV-straling.
Hoogte: Hoe hoger, hoe meer UV-straling.
Reflectie: Sneeuw, water en zand zorgen voor een sterkere weerkaatsing van het UV-licht.
Weersomstandigheden: Het weer bepaalt in welke mate UV-licht gefilterd wordt. Zware bewolking laat bijvoorbeeld maar weinig UV-licht door.

UV-index

Aangezien we de UV-stralen niet kunnen zien, worden we ze ook niet gewaar. Om ons bewust te zijn van de gevaren is het daarom belangrijk om de intensiteit van de UV-stralen te kennen. Deze intensiteit wordt uitgedrukt met de UV-index: hoe hoger deze is, hoe groter de gezondheidsrisico’s. De UV-index kan je steeds bij weerberichten terugvinden en duidt op de maximale waarde die tijdens die dag wordt voorzien. Heb je dus plannen om er tijdens een mooie, zomerse dag op uit te trekken? Raadpleeg dan steeds het weerbericht, hou rekening met de UV-index en pas je aan de omstandigheden aan.

UV-index <2: Zeer lage UV-intensiteit. De huid verbrandt niet, je hoeft je dus niet extra te beschermen.
UV-index 2-4: Lage intensiteit. De huid verbrandt langzaam.
UV-index 4-6: Matige intensiteit. De huid verbrandt makkelijk.
UV-index 6-8: Hoge intensiteit. De huid verbrandt snel.
UV-index 8-10: Zeer hoog. De huid verbrandt zeer snel. Vermijd buitenactiviteiten op het heetst van de dag en zoek steeds de schaduw op. Beschermende kledij, hoedje, zonnebril en zonnecrème zijn absoluut noodzakelijk.

Vijf gouden tips:

1.    Vermijd de zon op het heetst van de dag. Afhankelijk van de plaats waar je bent, is dit tussen 11u en 15u of tussen 12u en 16u.
2.    Draag beschermende kledij en accessoires. Dicht geweven stoffen en donkere kledij bieden een betere bescherming dan bijvoorbeeld een fijne witte T-shirt. Je kan natuurlijk ook kiezen voor kledij met UV-bescherming (meestal aangeduid met UPF, de Ultraviolet Protection Factor). Denk ook aan een zonnepet of -hoed en hoe breder de rand, hoe beter natuurlijk. Een zonnebril om de ogen te beschermen is natuurlijk ook onmisbaar.
3.    Kies een zonneproduct op basis van je huidtype en de omstandigheden. Er bestaan 4 huidtypes, gaande van personen met een melkwitte huid die al na 5 tot 10 minuten verbranden (huidtype 1) tot personen met een getinte huid die pas na 30 tot 45 minuten zullen verbranden (huidtype 4). Het is dus logisch dat personen met huidtype 1 een hogere bescherming nodig hebben dan personen met huidtype 4. Maar hou ook steeds rekening met de omstandigheden: ben je aan het wandelen in de bergen, dan heb je meer bescherming nodig dan wanneer je in je tuin aan het werken bent.
4.    Kies een zonneproduct dat bescherming biedt tegen UVB- en UVA-stralen. Op zonneproducten staat meestal een SPF-index vermeld. Deze Sun Protection Factor geeft enkel informatie over de bescherming die het biedt tegen UVB-stralen. Toch is ook een goede bescherming tegen UVA-stralen niet onbelangrijk. De producten die bescherming bieden tegen UVA-stralen vermelden dit vaak met een rond logo met de vermelding UVA.
5.    Smeer vaak genoeg en rijkelijk. Breng zonnecrème om de twee uur aan, maar ook nadat je gezwommen hebt of na transpiratie of wrijving.